Ontmoet de Schelde
Week van het Bos. Straffe bomen met natte voeten.
Tijdens de ‘Week van het Bos 2009’ plaatst het Sigmaplan twee zeldzame natte bostypes in de kijker: het wilgenvloedbos en het elzenbroekbos. Zowel wilgen als elzen staan regelmatig met hun wortels in het water. Dat maakt de bossen heel apart. Het Sigmaplan herstelt deze natuurtypes in het Zeescheldebekken. Het geeft meer ruimte aan de Schelde en haar bijrivieren in de vorm van overstromingsgebieden. Deze extra ruimte voorkomt overstromingen en creëert tegelijk nieuwe kansen voor natte bostypes. Niet alleen de veiligheid vaart er wel bij, ook de natuur zet grote stappen voorwaarts.
Straffe bomen met natte voeten
Tijdens de ‘Week van het Bos 2009’ plaatst het Sigmaplan twee zeldzame natte bostypes in de kijker: het wilgenvloedbos en het elzenbroekbos. Zowel wilgen als elzen staan regelmatig met hun wortels in het water. Dat maakt de bossen heel apart. Het Sigmaplan herstelt deze natuurtypes in het Zeescheldebekken. Het geeft meer ruimte aan de Schelde en haar bijrivieren in de vorm van overstromingsgebieden. Deze extra ruimte voorkomt overstromingen en creëert tegelijk nieuwe kansen voor natte bostypes. Niet alleen de veiligheid vaart er wel bij, ook de natuur zet grote stappen voorwaarts.
Unieke bossen voor Vlaanderen
Het straffe van deze bossen is dat ze stand houden in het water. Wilgenvloedbossen overstromen tweemaal per dag bij vloed, terwijl elzenbroekbossen het hele jaar door de voeten nat houden. Het eeuwenlange winnen van land op de rivieren en natte gebieden zorgde ervoor dat het wilgenvloedbos en elzenbroekbos op Europese schaal bedreigd zijn. Door de geplande overstromingsgebieden in te richten met natuur geeft het Sigmaplan deze bossen een nieuwe kans en volgt het zo de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zonder de veiligheid uit het oog te verliezen.
De Vlaamse overheid herstelt natte bossen
Het Sigmaplan stelt Waterwegen en Zeekanaal NV verantwoordelijk voor het herstel van getijdennatuur en dus ook voor de wilgenvloedbossen in het Zeescheldebekken. Hiervoor passen ze een innovatieve techniek van gereduceerde getijdengebieden toe in onder meer Bergenmeersen, De Bunt en het noordelijk deel van Vlassenbroek. Ir. Wim Dauwe, Waterwegen en Zeekanaal NV, legt uit hoe het werkt. “Sluizen laten een beperkte hoeveelheid water de gebieden binnenstromen bij vloed. Terwijl bij eb het gebied weer leegstroomt. Dankzij deze waterdynamiek ontstaat getijdennatuur, zodat ook wilgenvloedbossen groeikansen krijgen. Door slechts een beperkte hoeveelheid water toe te laten, behouden deze gebieden de capaciteit om water te bergen bij stormtij. Dan doen deze gebieden dienst als overstromingsgebied.”
Voor elzenbroekbossen zijn echter andere maatregelen nodig. Lieven Nachtergale van het Agentschap voor Natuur en Bos licht dat toe: “In andere overstromingsgebieden zoals Grote Wal – Kleine Wal –Zwijn en Vlassenbroek verhogen we het grondwaterpeil. Zo ontstaan wetlands, waar zwarte elzen het beste gedijen.” In deze wetlands groeien straks trouwens niet alleen elzenbroekbossen. Graslanden, open water, rietgordels en moerassen kleuren het gevarieerde landschap. Daarmee geeft het Sigmaplan opnieuw kansen aan de liefhebbers van deze rivierbegeleidende habitats zoals de bever, de buidelmees en de kwak.”
Waterlandschap vol wilgen
Zoals de naam wilgenvloedbos al verklapt, herbergt het landschap vooral wilgen. De boomlaag bestaat voornamelijk uit schietwilg met plaatselijk kraakwilg en zwarte populier. In de struiklaag groeien vooral amandel- en katwilgen. Torenhoge bomen vind je niet terug in een wilgenvloedbos. “Het vormt eerder een dynamisch waterlandschap, gevormd door ruigtes, open plekken met spindotterbloemen, geulen en kreken”, aldus Lieven Nachtergale. “In zo’n gevarieerd landschap tref je verschillende zangvogels. Je hoort er het gefluit van de blauwborst, de tuinfluiter, de kleine karekiet, de matkop en de bosrietzanger.”
Sprookjesbos van elzen
Elzen pieken tot 15 à 20 meter. Een groot deel van het jaar staat het elzenbroekbos onder water, zo geeft het een sprookjesachtige indruk. Fleurige
dotter- en pinksterbloemen tooien het bos in de lente. Enkele typische moeras- en bosvogels zoals houtsnip, sijsje en waterral bouwen er hun nest.
Ook libellen en amfibieën voelen zich er thuis. Op eilandjes van afgewaaide takken vinden de dieren een droog rustplekje.