Het Sigmaplan in de praktijk

Alle Sigmaprojecten verlopen gefaseerd en volgens een vast stappenplan. Dat bevat ook wettelijke procedures, bijvoorbeeld om de nodige vergunningen voor infrastructuurwerken te verkrijgen. Een Sigmaproject gaat als volgt:

Stap 1. Eerst maken we een inrichtingsplan op met de gedetailleerde toekomstige invulling van het projectgebied. Voor dat plan overleggen we met waterbouwkundigen, ecologen, landschapsarchitecten, economen en sociologen. Ook gemeentebesturen en omwonenden krijgen inspraak. Zij kunnen de lokale gevoeligheden of behoeften immers als geen ander inschatten.

Stap 2. Vervolgens onderzoeken deskundigen in een milieueffectrapport (MER) welke gevolgen het project en de inrichtingswerken zullen hebben op mens en milieu. Zullen de omwonenden hinder ondervinden? Wat is het effect op de bodem en de waterlopen? Zijn er gevolgen voor de biodiversiteit?

Stap 3. Daarna wordt een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) opgesteld. Dat vervangt de bestemmingen en voorschriften van het oorspronkelijke gewestplan.

Stap 4. Vóór de inrichting van een Sigmaproject kan starten, zijn er nog stedenbouwkundige vergunningen (SBV's) nodig. Die zijn gebaseerd op de nieuwe voorschriften van het GRUP. Zodra de vergunningen afgeleverd zijn, kunnen de werken beginnen.

Mogelijke onteigeningen

Om hogere, stevigere dijken en overstromingsgebieden aan te leggen is ruimte nodig. Het Sigmaplan spaart woonwijken, intensieve landbouwgebieden en industrieterreinen zoveel mogelijk. Toch zijn onteigeningen soms onvermijdelijk om de wijdere omgeving beter te beschermen. De getroffen eigenaars worden in dat geval vergoed.

Wat is een onteigening?

Onteigening is een rechtsmiddel waarmee de overheid een eigenaar kan verplichten (een deel van) zijn grond of pand af te staan. Natuurlijk kan dat niet zonder gegronde reden. Onteigeningen vinden slechts plaats als dat noodzakelijk is voor het algemeen belang. In eerste instantie probeert de overheid de nodige gronden te verwerven met een onderling akkoord of minnelijke aankoop. Tijdens een inspectiebezoek wordt de context van het project geschetst en de financiële vergoeding besproken. Als die onderhandelingen geen resultaat opleveren, legt de overheid het verzoek tot onteigening neer voor de vrederechter. De procedure moet dan gerechtelijk worden behandeld.

Dringendste dijkwerken

Sommige werken zijn zo dringend dat ze niet kunnen wachten tot de onteigeningsprocedure is afgerond. Voor die situatie biedt het dijkendecreet uit 1996 een oplossing. Volgens dat decreet kan het Vlaamse Gewest alle noodzakelijke werken op het gebied van waterkeringen uitvoeren, ongeacht tot wiens eigendom de gronden behoren.

> Meer info: brochure Onteigeningen