Rijkere biodiversiteit
We richten Grote Wal, Kleine Wal en Zwijn in als een gecontroleerd overstromingsgebied met gereduceerd getij. In zo’n gebied laat een inwateringssluis een beperkte hoeveelheid water binnen bij vloed. Datzelfde water stroomt het gebied ook weer uit bij eb via een uitwateringssluis. Door het in- en uitstromende water zouden de populieren in de toekomst erg nat staan en afsterven. Daarom kappen we ze nu om plaats te maken voor slikken en schorren met riet en wilgenvloedbossen.
In tegenstelling tot de populieren gedijt deze getijdennatuur net door het in- en uitstromende water. Er zal ook moerasvegetatie ontstaan, met moerasplanten zoals de kattenstaart, de lisdodde en het wilgenroosje. Het stagnerende water in de geulen van het gebied is dan weer de ideale habitat voor heel wat vissen. Met deze Sigmaplanwerken zorgen we dus voor waardevolle natuurontwikkeling en geven we een boost aan de biodiversiteit.
“Een populierenbos kappen en vervangen door een schor met riet en wilgen lijkt misschien een vestzak-broekzakoperatie, maar niets is minder waar”, vertelt Tom Maris, onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen. “De belangrijkste troef van een schor is de open verbinding met de Schelde, waardoor er bij vloed Scheldewater het gebied kan binnenstromen. Dat komt niet alleen de natuur in Wal-Zwijn, maar ook de Schelde zelf ten goede.”
“Bij elke tijbeweging wordt het Scheldewater verder gezuiverd in de rietvelden en moerasbossen en vinden vissen foerageer- of paaigelegenheid. Doordat de Schelde in een te strak keurslijf geduwd was de voorbije decennia, was veel van die belangrijke getijdennatuur verloren gegaan. Voor een gezonde Schelde is het essentieel dat we die terug herstellen. En zoiets kan natuurlijk alleen in gebieden zoals Wal-Zwijn, die aan de Schelde grenzen.”
Europese steun
De getijdennatuur in de Scheldevallei is uniek en vrijwel nergens in Europa te vinden. We behouden en ontwikkelen ze om de natuurdoelen van Natura2000 te halen, het Europese netwerk van natuurgebieden. Door gecontroleerde overstromingsgebieden met gereduceerd getij aan te leggen langs de rivier creëren we ruimte voor de ontwikkeling van deze getijdennatuur én om water op te vangen bij gevaarlijk hoge waterstanden. Dankzij de financiële steun van het Europese project LIFE Sparc kunnen we hierin grote stappen vooruitzetten in 8 Sigmaplangebieden, waaronder Wal-Zwijn.
Compensatie en hergebruik
Elke boom die verdwijnt vervangen we door een nieuwe via plantacties of spontane bosontwikkeling. Die nieuwe bomen komen ofwel in Wal-Zwijn ofwel in een ander Sigmaplangebied. Zo blijft de bosbalans in evenwicht. Bovendien wordt het gekapte hout verwerkt tot massieve planken en verpakkingsmateriaal. Overschotten zoals takken en bladeren voeren we dan weer af naar een biomassacentrale voor de productie van groene energie. Op die manier krijgen deze bomen een duurzaam tweede leven.
Laatste loodjes in Wal-Zwijn
De Sigmaplanwerken in Wal-Zwijn naderen hun einde. Afgelopen zomer zijn de in- en uitwateringssluizen afgewerkt. De overloopdijk is nog in aanbouw. Als ook die in de loop van 2025 af is, is de transformatie compleet. Vanaf dan zal Wal-Zwijn dienstdoen als gecontroleerd overstromingsgebied met gereduceerd getij.