Wetlands binnen het Sigmaplan zijn drassige gebieden die niet onder invloed van het getij staan. In de winter staat het grondwater er hoog, in de zomer daalt het. Het landschap kan er variëren van open water en rietland over elzenbroekbossen tot natte graslanden.

Een waterkeringsmuur is een kunstmatige verhoging in het landschap, in de vorm van een muur, om het achterliggende gebied te beschermen tegen overstromingen.

Een waterkering is een object of constructie om water tegen te houden. Aan de ene kant zijn er vaste waterkeringen. Die kunnen niet bewegen. Denk aan dijken, hellingen, gebouwen of zelfs stadsmeubilair. Aan de andere kant zijn er mobiele waterkeringen. Die kunnen wel bewegen, maar treden alleen in werking bij overstromingsgevaar.

Eb en vloed treden 2 keer per dag op. Tweemaal per maand is dat meer uitgesproken: het hoogtij wordt dan hoger en het laagtij lager. Een maanmaand is de tijd die de maan nodig heeft om opnieuw in dezelfde positie ten opzichte van de aarde te staan. Als de aantrekkingskrachten van zon en maan samenwerken, is het springtij. Het water bereikt dan zijn hoogste stand. Als er dan ook nog eens een krachtige west- tot noordwesterstorm waait, kan het water nog 3 meter extra aanzwellen. De combinatie van springtij met zo’n zware storm noemen we stormtij.

In een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) legt de overheid voor alle percelen in een bepaald gebied vast wat er kan en wat niet. Dit soort plan kan opgesteld worden door een gemeente, een provincie of een gewest.

Een ringdijk is een dijk aan de buitenzijde van een overstromingsgebied, die het achterland beschermt. Zo’n dijk is sterk genoeg om water tegen te houden bij een overstroming, ook bij stormtij. Boven op een ringdijk is meestal een jaagpad voorzien. Zo kunnen fietsers en wandelaars genieten van de getijdennatuur.

Een polder is een relatief laaggelegen, door de mens permanent drooggelegd stuk land. De waterstand wordt hier kunstmatig geregeld.

Overstromingsgebieden kunnen van nature water opvangen of hiervoor ingeschakeld worden door waterbeheerders.

Via een overloopdijk kan er water in een overstromingsgebied lopen bij extreem hoge waterstanden.

In het verleden is de Grote Nete in de hele vallei ingedijkt. Dat veroorzaakt nu plaatselijk wateroverlast. Door de dijk en uitwateringsconstructies op bepaalde plaatsen weg te nemen, komen de zijrivieren weer in contact met de Grote Nete. Zo voorkomen we wateroverlast en kunnen vissen zich weer vrij bewegen.

mail

Op de hoogte blijven?
Schrijf je nu in op de nieuwsbrief.

Wil je op de hoogte blijven van het laatste nieuws over het Sigmaplan? Schrijf je dan in voor de digitale nieuwsbrief.

Schrijf me in voor de nieuwsbrief

help_outline

Nog vragen?
Contacteer ons.

Heb je nog een vraag of opmerking? Neem dan contact met ons op en we helpen je zo snel mogelijk verder.

Ga naar contact