Door de sterke achteruitgang van de waterkwaliteit en het rechttrekken van rivieren verdween deze vissoort in de jaren ’70 volledig uit ons land. Dankzij het herintroductieprogramma van het INBO en het Agentschap voor Natuur en Bos komt de kwabaal de laatste jaren opnieuw op verschillende plaatsen voor, zoals bijvoorbeeld in de Demervallei. Met deze nieuwe uitzetting in de Polder van Lier zetten we opnieuw een belangrijke stap in het herstel van een gezonde, natuurlijke rivierfauna. Hopelijk groeit deze nieuwe generatie uit tot een duurzame populatie.
De kwabaal is een grote zoetwatervis die tot 60 cm groot kan worden, soms wordt hij ook de “zoetwaterkabeljauw ”genoemd. De kwabaal is een toppredator in onze rivieren, vergelijkbaar met de rol die een leeuw op de savanne speelt in zijn ecosysteem. De larven zijn meteen herkenbaar door hun grote ogen: in de eerste weken worden ze aangetrokken door licht. Naarmate ze groeien, worden de ogen kleiner in verhouding tot het lichaam en schakelt de soort over op een schuw en vooral nachtactief gedrag.