Door de geschiedenis heen hebben moerassen een barslechte reputatie opgebouwd. Ze worden geassocieerd met ziekte, gevaar en mythische wezens die mensen de dras in lokken: in Vlaanderen noemen we ze dwaallichtjes, de Noren hebben het over lyktemennene, en de Engelse variant, de hinkypunk, sloop zelfs de verhalen van Harry Potter binnen. Ook in de taal blijft ‘moeras’ een beladen woord – een metafoor voor corruptie en verderf.
Die reputatie staat in schril contrast met alle voordelen die natte natuur ons eeuwenlang heeft geschonken. Turfsteken was bijvoorbeeld een belangrijke economische activiteit in regio’s met te weinig bos om hout te winnen. Veen werd afgegraven, gedroogd en verkocht als brandstof. Van de Romeinen tot de Fransen met gulden sporen: allemaal merkten ze hoe moeilijk het was om door onze drassige grond te marcheren.
Wat nu?
Vandaag zijn moerassen en andere wetlands – zoals slikken en schorren, rietland en natte graslanden – belangrijker dan ooit. Maar ze verdwijnen in hoog tempo. De afgelopen 75 jaar verloren we in Vlaanderen maar liefst 75 procent van onze natte natuur, van 244.000 hectare in 1950 tot 68.000 hectare nu. Al eeuwen zijn we aan het draineren, afwateren en leegpompen. Zo transformeerde Vlaanderen van een waterrijk gebied tot één van de droogste regio’s in Europa.
Met het Sigmaplan zetten we in op het herstellen en ontwikkelen van natte natuur. We doen dat omdat het een bijzonder effectieve bescherming is tegen overstromingen en droogte. Maar ook omwille van de vele andere voordelen die natte natuur ons biedt. Zo zijn de Sigmaplangebieden een thuis voor een ruime variatie waardevolle planten en dieren -9.028 hectare maar liefst-, waaronder 110 doelsoorten zoals de roerdomp, kamsalamander en otter. Daarnaast zorgt natte natuur voor een betere water-, bodem- en luchtkwaliteit en meer recreatiemogelijkheden. Hoe komt dat? Laten we eens kijken.
Water opslorpen en loslaten
Wetlands werken als een natuurlijke waterbuffer. Ze slorpen regenwater op als een spons en beschermen zo tegen overstromingen. Dat wisten ook de turfstekers van vroeger: waar intensief veen werd gewonnen, traden vaker overstromingen op. Toen Duitsland in de zomer van 2021 ongezien veel regen te verduren kreeg, stroomde het water via afwateringsgrachten razendsnel naar woongebieden, met desastreuze gevolgen.
Na regen geven moerassen hun water langzaam weer af, waardoor ze omliggende waterlopen en landbouwgebieden bevoorraden tijdens droge periodes – ondertussen hebben ze ook vervuiling en sediment uit het water gefilterd. Sigmaplangebieden langs de Schelde, zoals Paardeweide, verbeteren bijvoorbeeld de waterkwaliteit dankzij de zuiverende werking van rietplanten. Projecten zoals LIFE NARMENA, waar de Sigmaplangebieden Zammelsbroek en Kloosterbeemden deel van uitmaken, zetten natte natuur actief in om historische metaalverontreiniging te saneren.